Maasai in Tanzania

Toen de eerste Britse ontdekkingsreizigers en expedities terugkeerden uit Oostelijk Afrika, brachten zij reeds verhalen mee over de onverschrokken Maasai, de kleurrijke semi-nomadische krijgers, uit de savannes van Tanzania en Kenia. Nu figureren de Maasai in de brochures van reisorganisatoren en de Keniaanse en Tanzaniaanse toeristische diensten. Zij zijn samen met de Kilimanjaro, de Serengeti, Ngorongorokrater en Masai Mara het toeristische uithangbord van hun respectievelijke landen. Alleen al omwille van hun publicitaire imago zijn de Maasai van onschatbare waarde voor de toeristische industrie in beide landen.
Verschillende Maasai families leven samen in een enkang. De hut waarin een vrouw met haar kinderen woont is een boma. In een manyatta staan de bomas van de verschillende vrouwen gegroepeerd in een kraal .....

wordt vervolgd

Kasjmierwol uit Ladakh

Toen in de 17de eeuw Ladakh partij koos voor Bhutan in een conflict met Tibet, stuurde de 5de Dalai Lama een strafexpeditie bestaande uit Mongoolse en Tibetaanse huurlingen naar het koninkrijk Ladakh. De koning van Ladakh Deldan Namgyal riep de hulp in van de Moghol van Delhi. Die beloofde dat de maharajah van Kashmir de Ladakhi militaire steun zou verlenen op voorwaarde dat de koning zich bekeerde tot de islam, zijn zoon in ballingschap stuurde naar Srinagar en Kashmir het monopolie verkreeg in de handel van pashm. Het Mongoolse invasieleger werd verslagen en koning Deldan noemde zich vanaf dan Akibat Mahmut Khan. Sinds het handelsverdrag uit 1684 tussen de maharajah van Kashmir en koningen van Ladakh hebben wolhandelaars uit Kashmir het monopolie op pashm, de wol van de Kasjmier of Pashmina-geit. Deze geit, de changra geit in het Ladakhi, leeft o.a. in het onherbergzame oostelijk deel van de deelstaat Jammu & Kashmir, Ladakh, bijgenaamd “Klein-Tibet. In het oostelijk deel van Ladakh tegen de Chinese grens ligt het Chanthang plateau waar de Changpa of Khampas, nomaden van Tibetaanse afkomst met hun kudden yak, schapen en geiten thuis zijn. De winters op dit plateau tot 4500 meter hoogte zijn streng en duren lang. De Pashmina-geit levert jaarlijks 200 gram pashm op, het fijne wol dat éénmaal geweven wereldberoemd is als pashmina of kasjmierwol. Daarvoor krijgen de Changpa ongeveer 4 € per jaar per geit. 95% van deze wol gaat naar wolhandelaars van Kashmir waar het geweven wordt tot kledingstukken. Vandaar ook de naam “kasjmier-wol” want de echte naam deze wol is pashmina wat het Perzisch is voor .....

wordt vervolgd

Noaka
Egyptenaren
De "shouting fence" van Rafah
Op 7 april 2001 moet de « shouting fence » in Rafah definitief tot het verleden behoren. In dit grensstadje aan de Egyptische grens in Gaza, Palestijnse gebieden, heeft men sinds 1982 ondervonden wat het betekent om te leven met een « grens ». Toen in 1979 de Camp David akkoorden werden gesloten hadden de onderhandelaars een klein detail over het hoofd gezien. In de loop van de jaren 70 moesten een aantal Palestijnse families hun huizen verlaten. Omwille van veiligheidsredenen had de Israëlische overheid immers besloten over te gaan tot het verbreden van enkele strategische wegen in de Gaza- strook en moesten enkele huizen gesloopt worden. Een 500-tal Palestijnse families zochten hun toevlucht tot een voormalig Canadees militair kamp, een overblijfsel uit de nasleep van de Suez-crisis.

In 1982 werd dan de grens getrokken zoals vastgelegd in de Camp David akkoorden.
Plots woonden de 5000 Palestijnen van het Canada Camp in Egypte : gescheiden van hun families, vrienden en hun werk door één van de strengst bewaakte grenzen ter wereld.. In Egypte mochten ze niet werken. En naar de Gaza-strook konden ze niet meer. De grens werd de ontmoetingsplaats om familienieuws uit de wisselen en pasgeboren neefjes en nichtjes te ....

wordt vervolgd